Ingrepen   borstprothese

Eerst en vooral is het belangrijk te weten dat de vorm van een borst wordt beïnvloed door meerdere factoren. De huidelasticiteit en de verhouding tussen vet-en klierweefsel spelen hierin een belangrijke rol. Ook bij het ouder worden, gaat het klierweefsel zich stilaan vervangen door zachter vetweefsel. Hierdoor gaan de borsten hangen onder meer door de zwaartekracht, afname van huidelasticiteit, zwangerschap of gewichtsverlies. Dé ideale oplossing is de plaatsing van een borstprothese bij Beaucare.

BORSTVERGROTING: DE INGREEP

De plaatsing van een borstimplantaat (borstprothese) kan op 2 verschillende manieren gebeuren. Verder kan men de borstprothese submusculair (onder de borstpier) of subglandulair (onder de borstklier) plaatsen. Het spreekt voor zich dat iedere methode zijn specifieke voordelen heeft. Een ervaren plastisch chirurg voert graag een gesprek met u hieromtrent tijdens een eerste consult. Het plaatsen van de borstprothese gebeurt steeds onder volledige verdoving en duurt gemiddeld één uur. U kan nog dezelfde dag naar huis voor een rustig verder herstel.

BORSTVERGROTING: DE INCISIES

De borstprothese kan op 2 verschillende manieren geplaatst worden. Afhankelijk van de meest geschikte manier wordt de borstprothese via de borstplooi of het tepelhof.

VIA DE BORSTPLOOI

Het plaatsen van de borstprothese via de borstplooi, ook wel de ‘inframammaire techniek’ genoemd, wordt het vaakst toegepast. Ook voor grotere borstprotheses krijgt deze techniek meestal de voorkeur. Een bijkomend voordeel is dat het litteken zich discreet in de borstplooi bevindt.

VIA DE TEPELHOF

Bij een incisie aan de onderrand van het tepelhof op de overgang met de normale huid is het litteken nauwelijks zichtbaar. De grootte van de insnijding is afhankelijk van de grootte van het tepelhof. Dit bepaalt echter ook de maximumgrootte van de borstprothese. Wel bestaat er een iets groter infectierisico.

BORSTVERGROTING: DE PLAATSING VAN DE BORSTPROTHESE

BORSTPROTHESE ONDER DE BORSTKLIER (SUBGLANDULAIR)

Bij voldoende borstklierweefsel kan de plastisch chirurg de borstprothese eenvoudig tussen de borstklieren en borstspier plaatsen. Dit zorgt ervoor dat de borstprothese op een natuurlijke manier met de borst mee beweegt. Ook kent men via deze techniek een sneller herstel.

Indien men over weinig borstklierweefsel beschikt, bestaat de kans dat men de rand van de borstprothese bovenaan kan voelen. Ook ligt de kans iets hoger op kapselcontractie en is het mogelijk dat men bij een borstimplantaat met cohesieve gel de rimpels ziet.

BORSTPROTHESE ONDER DE BORSTSPIER (SUBMUSCULAIR)

Wanneer men de borstprothese achter de borstspier plaatst, is deze bedekt met een extra beschermende spierlaag. Hierdoor is de kans dat men de protheserand kan voelen beduidend lager. Doordat de spierlaag een zekere druk uitoefent op de bovenkant van de borstprothese verkrijgt men een mooie druppelvorm. Het risico op kapselsamentrekking ligt dan ook lager maar de herstelperiode duurt iets langer ten opzichte van de subglandulaire methode.

DUAL PLANE BORSTVERGROTING

De Dual Plane methode wordt vandaag het meest frequent toegepast. Hierbij wordt het bovendeel van de borstprothese achter de spier geplaatst.
Momenteel is de dual plane borstvergroting methode de standaard ingreep geworden voor de ietwat grotere borstprothesen.